In Nederland kunt u, bij een ongestoorde zwangerschap of voorgeschiedenis, zelf kiezen waar u het liefste wilt bevallen, thuis of poliklinisch.
Indien u ervoor kiest om thuis te bevallen, gebeurt dit onder de begeleiding van een verloskundige, die geassisteerd wordt door een kraamverzorgende.
Het voordeel van thuis bevallen is, dat u en uw partner in uw eigen, vertrouwde omgeving zijn. U zult hierdoor meer ontspannen zijn, wat ten goede zal komen aan de weeën.
Vanaf 37 tot en met 42 weken zwangerschap mag u thuis bevallen. Zorg er voor dat u dan alle benodigdheden in huis en klaargezet heeft. Houd in ieder geval uw zwangerschapskaart en het telefoonnummer van uw verloskundige altijd bij de hand.
Vergeet het fototoestel en/of de videocamera niet.
De kraamkamer moet goed verwarmd, schoon en goed verlicht zijn. Verder moet de ruimte voldoende ruim zijn om een klein tafeltje of strijkplank te kunnen plaatsen.
Als u boven wilt bevallen, dan alleen op de 1ste verdieping, waar stromend water aanwezig is. Ook is het belangrijk dat de trap naar beneden niet stijl of gedraaid is ( dit i.v.m. een brancard) Bent u 100 kilo of zwaarder, dan willen wij dat u op de begane grond bevalt. U kunt eventueel een bed huren bij de thuiszorgwinkel in Hoorn.
Zorg verder dat u uw zwangerschapskaart bij de hand heeft daar waar u gaat bevallen.
U wordt verzocht om een tas voor het ziekenhuis klaar te hebben staan indien u toch naar het ziekenhuis moet. Dit bevat schone kleren en toiletartikelen voor u, het fototoestel en kleertjes voor de baby. Verder een 2 euro munt voor een rolstoel en uw ponsplaatje.
Route naar het ziekenhuis.
Zorg dat uw huis ook ’s nachts goed zichtbaar is in de vorm van een buitenlamp, hal- of kamerlamp. In het donker zijn veel huisnummers slecht te zien!
De kraamverzorgende zal u na de bevalling helpen om de baby aan de borst te leggen als u borstvoeding wilt geven. Indien mogelijk binnen 1 uur na de bevalling. U stimuleert de borstvoeding (uw baby krijgt de zeer voedzame eerste melk, het colostrum) en uw baarmoeder zal hierdoor samentrekken (wat zorgt voor minder bloedverlies). In het geval van flesvoeding zal de kraamverzorgende dit klaarmaken.
Het is normaal dat u eventueel ruim vloeit na de bevalling. U kunt ook grote stolsels bloed verliezen. Uw verloskundige zal aangeven wanneer het bloedverlies nog acceptabel is en wanneer u haar dient te bellen.
Vaak heeft u na de bevalling geen aandrang om te plassen, toch is het belangrijk om regelmatig te proberen te plassen. Uw verloskundige zal aangeven wanneer u contact met haar moet opnemen, als het plassen niet lukt. In de eerste dagen naar de bevalling dient u (zeker ‘s nachts) niet alleen naar het toilet te gaan.
Als u ’s nachts bevalt zullen de verloskundige en de kraamverzorgende ongeveer twee uur na de bevalling naar huis gaan. U krijgt dan instructies over de verzorging van uw baby en uzelf. Bevalt u overdag, dan blijft de kraamverzorgende.